Bibliothek
Spielhalle
Kurse
Wort des Tages
ConlangHub
Day 50 — Dutch
~/dutch/90-days/tag-50

view_all_days

Day 50 - Cooking Verbs
koken (kochen)
snijden (schneiden)
bakken (braten)
bakken (backen)
mengen (mischen)
Advertisement
kruiden (würzen)
schillen (schälen)
hakken (hacken)
roeren (rühren)
stoven (dämpfen)
grillen (grillen)
aanbraden (anbraten)
opdienen (servieren)
wecken (einkochen)
marineren (marinieren)
paneren (panieren)
kneden (kneten)
smelten (schmelzen)
verhitten (erhitzen)
uitrollen (ausrollen)
afgieten (abgießen)
bereiden (zubereiten)
proeven (abschmecken)
garneren (garnieren)
gratineren (überbacken)
fermenteren (fermentieren)
pocheren (pochieren)
sauteren (sautieren)
blancheren (blanchieren)
vijzelen (mörsern)
Day 50: Cooking Verbs