Skip to content
Bibliotheek
Speelhal
Cursussen
Woord van de Dag
Vervoeging
Chat
Afdrukbaar
ConlangHub
apprendre.doc

French Woord van de dag

apprendre

/a-pren-DRE/ • werkwoord — 25 apr, 2026


Luister naar uitspraak
Oefenen

Betekenis: leren; ook: vernemen of iets te weten komen

Voorbeelden

  1. J'apprends le français.
    (Ik leer Frans.)
  2. Il a appris la nouvelle hier.
    (Hij vernam het nieuws gisteren.)
  3. Elle veut apprendre à conduire.
    (Zij wil leren autorijden.)

Synoniemen

  • étudier
  • assimiler
  • se renseigner
Gebruik 'apprendre' wanneer je zegt dat je iets leert (apprendre quelque chose) of dat je iets te weten komt/vernemen (apprendre que ...). Veelvoorkomende vormen: 'apprendre à + infinitief' (leren om te ...), 'apprendre quelque chose à quelqu'un' (iemand iets leren).

Spel van vandaag: WoordzoekerNu Spelen


Recente woorden

DatumWoordBetekenis
2026-04-24vivreLeven; zowel 'wonen' (op een plek verblijven) als ...
2026-04-23trouvervinden; iets of iemand ontdekken of lokaliseren, m...
2026-04-22commencerbeginnen; het starten van een handeling of activit...
2026-04-21arriveraankomen; gebeuren; ook: erin slagen (met 'arriver...
2026-04-20prochainvolgend(e); de volgende in tijd, volgorde of plaat...

Bekijk volledig archief

« 24 apr25 apr, 2026

Ontvang elke dag een nieuw woord in je inbox!