Skip to content
Bibliotheek
Speelhal
Cursussen
Woord van de Dag
Vervoeging
Chat
Afdrukbaar
ConlangHub
šeima.doc

Lithuanian Woord van de dag

šeima

/ŠEI-ma/ • zelfstandig naamwoord — 17 apr, 2026


Luister naar uitspraak
Oefenen

Betekenis: familie; gezin (de groep van directe familieleden of het huishouden)

Voorbeelden

  1. Mano šeima gyvena Vilniuje.
    (Mijn familie woont in Vilnius.)
  2. Visa šeima susirinko švęsti močiutės gimtadienio.
    (De hele familie kwam bijeen om de verjaardag van oma te vieren.)
  3. Mūsų šeima kiekvieną vakarą valgo kartu.
    (Ons gezin eet elke avond samen.)

Synoniemen

  • giminė
  • šeimyna
Žodis 'šeima' vartojamas tiek apie artimiausius šeimos narius (tėvai ir vaikai), tiek plačiau apie namų ūkius. 'Giminė' dažniau reiškia platesnę giminystės grandinę (tėvai, dėdės, tetos, pusbroliai). 'Šeima' yra neutralesnis ir kasdienis terminas.

Spel van vandaag: Woorden koppelenNu Spelen


Recente woorden

DatumWoordBetekenis
2026-04-16dirbtiwerken (als beroep of aan een taak)
2026-04-15laikastijd; de periode of het moment waarop iets gebeurt
2026-04-14vietaplek; plaats; locatie
2026-04-13vanduowater; de vloeistof die we drinken en die in de na...
2026-04-12namashuis; gebouw waarin mensen wonen

Bekijk volledig archief

« 16 apr17 apr, 2026

Ontvang elke dag een nieuw woord in je inbox!