Skip to content
Bibliotheek
Speelhal
Cursussen
Woord van de Dag
Vervoeging
Chat
Afdrukbaar
ConlangHub
heem.doc

Luxembourgish Woord van de dag

heem

/HEEM/ • zelfstandig naamwoord / bijwoord — 15 apr, 2026


Luister naar uitspraak
Oefenen

Betekenis: thuis; het (eigen) huis; ook gebruikt als bijwoord 'naar huis'

Voorbeelden

  1. Ech ginn elo heem.
    (Ik ga nu naar huis.)
  2. Mäi Heem läit net wäit vum Zentrum.
    (Mijn huis ligt niet ver van het centrum.)
  3. Eist Heem ass ganz gemittlech.
    (Ons huis is erg gezellig.)

Synoniemen

  • doheem
  • Wunneng
Heem wordt veel gebruikt om zowel 'thuis' (als plaats) als 'naar huis' (als bijwoord) uit te drukken. Gebruik 'doheem' als je expliciet wilt zeggen dat iemand zich thuis voelt. 'Wunneng' betekent specifiek appartement/woning en is niet altijd uitwisselbaar met 'heem' wanneer je het gevoel van thuis bedoelt.

Spel van vandaag: KruiswoordpuzzelsNu Spelen


Recente woorden

DatumWoordBetekenis
2026-05-05schaffenwerken (arbeid verrichten of een baan hebben)
2026-05-04spadséierenwandelen; een wandeling maken
2026-05-03fréiervroeger; eerder
2026-05-02séiersnel; op een hoge snelheid
2026-05-01schwéiermoeilijk; (ook) zwaar (fysiek)

Bekijk volledig archief

« 14 apr15 apr, 202616 apr »

Ontvang elke dag een nieuw woord in je inbox!