Norwegian Woord van de dag
hus
/HUS/ • zelfstandig naamwoord — 8 apr, 2026
Luister naar uitspraak
Betekenis: huis; woning
Voorbeelden
- Jeg bor i et hus.
(Ik woon in een huis.) - Huset har en stor hage.
(Het huis heeft een grote tuin.) - Vi maler huset hvitt.
(Wij verven het huis wit.)
Synoniemen
- bolig
- hjem
Gebruik 'hus' voor een gebouw waar mensen wonen of voor huizen in het algemeen. 'Hus' is het onbepaalde enkelvoud; de bepaalde vorm is 'huset'. Voor formelere of bredere termen kun je 'bolig' gebruiken, en 'hjem' benadrukt het thuisgevoel.
Spel van vandaag: Spellenwedstrijd — Nu Spelen
Oefenen: Gebruik dit woord in een gesprek met Linguarudo →
Recente woorden
| Datum | Woord | Betekenis |
|---|---|---|
| 2026-04-07 | klokke | een apparaat dat de tijd aangeeft; een horloge of ... |
| 2026-04-06 | venn | iemand met wie je een vriendschapsrelatie hebt, ee... |
| 2026-04-05 | vann | een vloeistof die essentieel is voor het leven en ... |
| 2026-04-04 | mat | voedsel, wat gegeten wordt |
| 2026-04-03 | butikk | een winkel waar je goederen kunt kopen |
Ontvang deze per e-mail
Log in op je gratis account om dagelijks woorden per e-mail te ontvangen.
Inloggen om te Abonneren« Apr 78 apr, 2026
Ontvang elke dag een nieuw woord in je inbox!
Inloggen om te Abonneren