Bibliotheek
Speelhal
Cursussen
Woord van de Dag
Vervoeging
Chat
Afdrukbaar
ConlangHub
hus.doc

Norwegian Woord van de dag

hus

/HUS/ • zelfstandig naamwoord — 8 apr, 2026


Luister naar uitspraak

Betekenis: huis; woning

Voorbeelden

  1. Jeg bor i et hus.
    (Ik woon in een huis.)
  2. Huset har en stor hage.
    (Het huis heeft een grote tuin.)
  3. Vi maler huset hvitt.
    (Wij verven het huis wit.)

Synoniemen

  • bolig
  • hjem
Gebruik 'hus' voor een gebouw waar mensen wonen of voor huizen in het algemeen. 'Hus' is het onbepaalde enkelvoud; de bepaalde vorm is 'huset'. Voor formelere of bredere termen kun je 'bolig' gebruiken, en 'hjem' benadrukt het thuisgevoel.

Spel van vandaag: SpellenwedstrijdNu Spelen


Oefenen: Gebruik dit woord in een gesprek met Linguarudo


Recente woorden

DatumWoordBetekenis
2026-04-07klokkeeen apparaat dat de tijd aangeeft; een horloge of ...
2026-04-06venniemand met wie je een vriendschapsrelatie hebt, ee...
2026-04-05vanneen vloeistof die essentieel is voor het leven en ...
2026-04-04matvoedsel, wat gegeten wordt
2026-04-03butikkeen winkel waar je goederen kunt kopen

Bekijk volledig archief

« Apr 78 apr, 2026

Ontvang elke dag een nieuw woord in je inbox!

Inloggen om te Abonneren