Norwegian Woord van de dag
reise
/REI-se/ • werkwoord — 28 apr, 2026
Luister naar uitspraak
Betekenis: reizen; zich verplaatsen naar een andere plaats, vaak over een langere afstand
Voorbeelden
- Jeg skal reise til Oslo i morgen.
(Ik ga morgen naar Oslo (reizen).) - Vi har reist mye i sommer.
(We hebben deze zomer veel gereisd.) - Hvor lenge planlegger du å reise?
(Hoe lang ben je van plan te reizen?)
Synoniemen
- dra
- reise bort
- begi seg ut
Gebruik 'reise' voor verplaatsingen tussen steden of landen, maar ook voor korte trips. Tegenwoordige tijd: 'reiser', verleden tijd: 'reiste', perfectum: 'har reist'. Let op: 'reise seg' betekent 'opstaan' (bijv. 'Han reiste seg').
Spel van vandaag: Zinnen Puzzelen — Nu Spelen
Recente woorden
| Datum | Woord | Betekenis |
|---|---|---|
| 2026-05-05 | huske | zich herinneren; onthouden |
| 2026-05-04 | butikk | winkel; plaats waar je goederen koopt (bijv. kledi... |
| 2026-05-03 | leilighet | appartement; een woonruimte in een gebouw, vaak te... |
| 2026-05-02 | takk | dankjewel; bedankt |
| 2026-05-01 | rolig | rustig; kalm; zonder opwinding |
Ontvang deze per e-mail
Log in op je gratis account om dagelijks woorden per e-mail te ontvangen.
Ontvang elke dag een nieuw woord in je inbox!