Pools Woord van de dag
dom
/DOM/ • zelfstandig naamwoord — 7 jul, 2026
Luister naar uitspraak
Betekenis: huis; gebouw waar iemand woont; ook: thuis
Voorbeelden
- Nasz dom ma duży ogród.
(Ons huis heeft een grote tuin.) - Wieczorem wracam do domu.
(Ik ga 's avonds terug naar huis.) - Dom jest przytulny i ciepły zimą.
(Het huis is gezellig en warm in de winter.)
Synoniemen
Klik op een synoniem om te zien hoe het zich verhoudt tot dom.
Gebruik 'dom' om te verwijzen naar het fysieke huis of naar 'thuis' in algemene zin. Voor een appartement kun je ook 'mieszkanie' gebruiken; 'domek' is een verkleinvorm (huisje).
Recente woorden
| Datum | Woord | Betekenis |
|---|---|---|
| 2026-07-09 | pamiętać | zich herinneren; onthouden |
| 2026-07-08 | potrzebować | iets nodig hebben; benodigd zijn |
| 2026-07-06 | przyjaciel | Een persoon met wie je een hechte, vertrouwelijke ... |
| 2026-07-05 | wolny | vrij; niet bezet; gratis (in sommige contexten) |
| 2026-07-04 | pisać | schrijven; iets op papier of op een scherm zetten ... |
Ontvang deze per e-mail
Log in op je gratis account om dagelijks woorden per e-mail te ontvangen.
Ontvang elke dag een nieuw woord in je inbox!