pokój vs. spokój
Woordvergelijking Pools
Luister naar pokój
Luister naar spokój
| pokój | spokój |
|---|---|
/PO-kój/ zelfstandig naamwoord | //ˈspɔkuj// zelfstandig naamwoord |
| kamer; ook: vrede | rust; kalmte of stilte (innerlijke toestand of afwezigheid van rumoer), niet per se politieke vrede |
Hoe ze verschillen
„Spokój” legt de nadruk op stilte, innerlijke rust of afwezigheid van drukte, terwijl „pokój” naast 'rust' ook de betekenis 'vrede' in politieke/maatschappelijke zin heeft en bovendien 'kamer' kan betekenen.
Wanneer gebruik je welk woord
Wanneer gebruik je pokój: Gebruik „pokój” wanneer je 'vrede' bedoelt in de zin van afwezigheid van oorlog of wanneer je 'kamer' bedoelt als fysieke ruimte.
Wanneer gebruik je spokój: Gebruik „spokój” als je het hebt over innerlijke rust, stilte of rustige omstandigheden in het dagelijks leven.
Voorbeelden naast elkaar
- Po latach konfliktów wreszcie zapanował pokój.
(Na jaren van conflicten heerste er eindelijk vrede.) - W końcu znalazłem spokój po burzliwym roku.
(Eindelijk vond ik rust na een woelig jaar.)
Register en nuance: „Spokój” is algemeen en neutraal voor stilte of innerlijke rust; „pokój” in de betekenis 'vrede' is vaak formeler of politiek geladen.