Skip to content
Bibliotheek
Speelhal
Cursussen
Woord van de Dag
Vervoeging
Chat
Afdrukbaar
ConlangHub
čas.doc

Slovene Woord van de dag

čas

/ČAS/ • zelfstandig naamwoord — 30 apr, 2026


Luister naar uitspraak
Oefenen

Betekenis: tijd; periode; de duur tussen gebeurtenissen

Voorbeelden

  1. Ali imaš čas?
    (Heb je tijd?)
  2. Koliko časa traja potovanje do Ljubljane?
    (Hoelang duurt de reis naar Ljubljana?)
  3. Čas hitro beži, ko se zabavaš.
    (De tijd vliegt als je plezier hebt.)

Synoniemen

  • ura
  • obdobje
Beseda 'čas' uporabite, ko govorite o času na splošno ali o trajanju (npr. 'imeti čas', 'koliko časa', 'vzeti si čas'). Pogoste besedne zveze: 'imeti čas' (tijd hebben), 'vzeti si čas' (de tijd nemen), 'čez čas' (na den duur/later).

Spel van vandaag: FlashcardsNu Spelen


Recente woorden

DatumWoordBetekenis
2026-04-29vlaktrein
2026-04-28avtoauto, wagen; voertuig dat gebruikt wordt voor pers...
2026-04-27stanovanjeeen woning binnen een gebouw, meestal met eigen ke...
2026-04-26sosedbuur; persoon die naast of in de buurt van jouw wo...
2026-04-25delatiwerken; doen

Bekijk volledig archief

« 29 apr30 apr, 2026

Ontvang elke dag een nieuw woord in je inbox!