Duits Woord van de dag
Alle vorige woorden — 50 woorden
| Datum | Woord | Type | Betekenis |
|---|---|---|---|
| 2026-03-30 | vorbereiten | verb | voorbereiden |
| 2026-03-29 | Schule | noun | Een plaats waar onderwijs plaatsvindt. |
| 2026-03-28 | schreiben | werkwoord | onderwerpen of ideeën op papier vastleggen of op een ander medium. |
| 2026-03-27 | kaufen | verb | aanschaffen of iets verkrijgen door te betalen |
| 2026-03-26 | reisen | verb | zich verplaatsen van de ene naar de andere plaats, vaak over een grote afstand, meestal voor plezier of werk. |
| 2026-03-25 | beschäftigen | verb | zich bezighouden met |
| 2026-03-24 | schnell | bijvoeglijk naamwoord | met hoge snelheid; vlug |
| 2026-03-23 | danken | verb | danken; waardering of erkentelijkheid uitdrukken |
| 2026-03-22 | verstehen | werkwoord | begrijpen |
| 2026-03-21 | freundlich | bijvoeglijk naamwoord | vriendelijk |
| 2026-03-20 | lieben | werkwoord | houden van; een sterke genegenheid of affectie voor iemand of iets voelen |
| 2026-03-19 | mögen | werkwoord | houden van, graag hebben |
| 2026-03-18 | laufen | verb | bewegen van je benen om van de ene naar de andere plaats te gaan. |
| 2026-03-17 | lernen | verb | het verwerven van kennis of vaardigheden door studie of ervaring |
| 2026-03-16 | Himmel | noun | de lucht, het hemelse domein |
| 2026-03-15 | Katze | noun | Een klein, vaak huisdier dat bekend staat om zijn onafhankelijkheid en speelsheid. |
| 2026-03-14 | Frühstück | noun | maaltijd die in de ochtend gegeten wordt, meestal de eerste maaltijd van de dag. |
| 2026-03-13 | kennen | werkwoord | kennen betekent het zijn van een persoon of een plek. |
| 2026-03-12 | Hundefutter | noun | voer voor honden |
| 2026-03-10 | tisch | noun | een meubelstuk met een vlakke bovenkant en poten, gebruikt om dingen op te plaatsen of aan te eten. |
Advertisement