French Woord van de dag
maison
/mai-SON/ • noun — 20 mrt, 2026
Luister naar uitspraak
Betekenis: woning; het gebouw waarin iemand woont
Voorbeelden
- J'habite dans une grande maison.
(Ik woon in een groot huis.) - La maison est entourée d'un jardin.
(Het huis is omringd door een tuin.) - Nous allons vendre notre maison.
(We gaan ons huis verkopen.)
Synoniemen
- habitation
- résidence
Het woord 'maison' wordt vaak gebruikt om te verwijzen naar het huis waar iemand woont. Het kan ook een symbolische betekenis hebben in het liven van 'thuis'.
Spel van vandaag: Flashcards — Nu Spelen
Oefenen: Gebruik dit woord in een gesprek met Linguarudo →
Recente woorden
| Datum | Woord | Betekenis |
|---|---|---|
| 2026-04-06 | chercher | zoeken |
| 2026-04-05 | sac | een tas of zak waarin je dingen kunt dragen of ver... |
| 2026-04-04 | merci | een uitdrukking van dankbaarheid |
| 2026-04-03 | vitesse | snelheid |
| 2026-04-02 | supporter | ondersteunen of verdragen |
Ontvang deze per e-mail
Log in op je gratis account om dagelijks woorden per e-mail te ontvangen.
Inloggen om te AbonnerenOntvang elke dag een nieuw woord in je inbox!
Inloggen om te Abonneren