Skip to content
Bibliotheek
Speelhal
Cursussen
Woord van de Dag
Vervoeging
Chat
Afdrukbaar
ConlangHub
dom.doc

Polish Woord van de dag

dom

/DOM/ • noun — 13 apr, 2026


Luister naar uitspraak
Oefenen

Betekenis: huis; thuis (de plaats waar je woont)

Voorbeelden

  1. Wracam do domu.
    (Ik ga naar huis.)
  2. Mamy duży dom z ogrodem.
    (We hebben een groot huis met een tuin.)
  3. W domu czuję się bezpiecznie.
    (Ik voel me veilig thuis.)

Synoniemen

  • mieszkanie
  • lokal
‘Dom’ gebruik je voor een woning of het idee van ‘thuis’. In spreektaal zie je vaak uitdrukkingen als ‘wracam do domu’ (ik ga naar huis) of ‘w domu’ (thuis). Als je in een appartement woont, kun je ook ‘mieszkanie’ gebruiken; ‘dom’ suggereert vaak een huis (vrijstaand of gezinshuis). Let op de verbuiging: genitief is bijvoorbeeld ‘domu’ (do domu).

Spel van vandaag: TijdraceNu Spelen


Recente woorden

DatumWoordBetekenis
2026-04-19dzisiajvandaag; op de huidige dag
2026-04-18oknoraam; een opening met glas in een muur of deur
2026-04-17samochódauto; motorvoertuig (voornamelijk gebruikt voor pe...
2026-04-16przepraszamIk bied mijn excuses aan; pardon; het spijt me (oo...
2026-04-14kawakoffie; warme drank gemaakt van gebrande en gemale...

Bekijk volledig archief

« 12 apr13 apr, 202614 apr »

Ontvang elke dag een nieuw woord in je inbox!