Portuguese Woord van de dag
casa
/CA-za/ • noun — 9 mrt, 2026
Luister naar uitspraak
Betekenis: huis
Voorbeelden
- Eu moro em uma casa pequena.
(Ik woon in een klein huis.) - A casa é muito acolhedora.
(Het huis is erg gezellig.) - Precisamos limpar a casa hoje.
(We moeten vandaag het huis schoonmaken.)
Synoniemen
- lar
- residência
Het woord 'casa' wordt vaak gebruikt om naar een woonruimte te verwijzen, of het nu gaat om een appartement, villa of gewoon een huis. Het kan ook een gevoel van thuis aandoen.
Spel van vandaag: Tijdrace — Nu Spelen
Recente woorden
| Datum | Woord | Betekenis |
|---|---|---|
| 2026-04-29 | conversar | praten met iemand; een gesprek voeren |
| 2026-04-28 | andar | lopen; zich te voet verplaatsen; ook gebruikt om d... |
| 2026-04-27 | vestir | kleding aantrekken; een kledingstuk aandoen |
| 2026-04-26 | descansar | rusten; energie terugwinnen door ontspanning of sl... |
| 2026-04-25 | perto | dichtbij; op korte afstand |
Ontvang deze per e-mail
Log in op je gratis account om dagelijks woorden per e-mail te ontvangen.
Ontvang elke dag een nieuw woord in je inbox!