Conjugation of afspraak maken in Dutch
afspraak makento make an appointment / to arrange a meetingirregular
Tegenwoordige Tijdpresent
Actions happening now or habitually.
| Person | Conjugation | |
|---|---|---|
| ik | maak een afspraak | |
| jij/je | maakt een afspraak | |
| hij/zij/het | maakt een afspraak | |
| wij/we | maken een afspraak | |
| jullie | maken een afspraak | |
| zij/ze | maken een afspraak |
Common mistakes in the Tegenwoordige Tijd
- ik
ik maak een afsprakenmaak een afspraakUse the singular article 'een' with 'afspraak'; plural 'afspraken' changes the meaning. - jij/je
jij maak een afspraakmaakt een afspraakWith 'jij', the verb usually takes -t: 'maakt'.
Verleden Tijdsimple past
Completed actions in the past.
| Person | Conjugation | |
|---|---|---|
| ik | maakte een afspraak | |
| jij/je | maakte een afspraak | |
| hij/zij/het | maakte een afspraak | |
| wij/we | maakten een afspraak | |
| jullie | maakten een afspraak | |
| zij/ze | maakten een afspraak |
Voltooid Tegenwoordige Tijdpresent perfect
Past actions with a bearing on the present.
| Person | Conjugation | |
|---|---|---|
| ik | heb een afspraak gemaakt | |
| jij/je | hebt een afspraak gemaakt | |
| hij/zij/het | heeft een afspraak gemaakt | |
| wij/we | hebben een afspraak gemaakt | |
| jullie | hebben een afspraak gemaakt | |
| zij/ze | hebben een afspraak gemaakt |
Common mistakes in the Voltooid Tegenwoordige Tijd
- ik
ik heb een afspraak gemaaktheb een afspraak gemaaktThis is actually correct; a common mistake is using the wrong auxiliary, but with 'een afspraak maken' the perfect tense uses 'hebben'.
Toekomende Tijdfuture
Actions that will happen.
| Person | Conjugation | |
|---|---|---|
| ik | zal een afspraak maken | |
| jij/je | zult een afspraak maken | |
| hij/zij/het | zal een afspraak maken | |
| wij/we | zullen een afspraak maken | |
| jullie | zullen een afspraak maken | |
| zij/ze | zullen een afspraak maken |
afspraak maken — frequently asked questions
Is afspraak maken a regular verb?
No — afspraak maken is an irregular Dutch verb, so some of its forms do not follow the standard endings.
What does afspraak maken mean?
afspraak maken is a Dutch verb meaning "to make an appointment / to arrange a meeting".