Skip to content
Biblioteca
Practicar
Juegos
Media Center
Imprimibles
Cursos
Test de nivel
Chat
Conjugación
Palabra del Día
Práctica de escritura
ConlangHub
Blog.txt
Contáctanos
Conjugación.xlsx

Conjugación de oppassen en Neerlandés

oppassencuidar; vigilarregular

Tegenwoordige Tijdpresente

Acciones que ocurren ahora o habitualmente.

Tegenwoordige Tijd de oppassen
PersonaConjugación
ikpas op
jij/jepast op
hij/zij/hetpast op
wij/wepassen op
julliepassen op
zij/zepassen op

Verleden Tijdpretérito

Acciones terminadas en el pasado.

Verleden Tijd de oppassen
PersonaConjugación
ikpaste op
jij/jepaste op
hij/zij/hetpaste op
wij/wepasten op
julliepasten op
zij/zepasten op

Voltooid Tegenwoordige Tijdpretérito perfecto

Acciones pasadas con relación con el presente.

Voltooid Tegenwoordige Tijd de oppassen
PersonaConjugación
ikheb opgepast
jij/jehebt opgepast
hij/zij/hetheeft opgepast
wij/wehebben opgepast
julliehebben opgepast
zij/zehebben opgepast

Toekomende Tijdfuturo

Acciones que van a ocurrir.

Toekomende Tijd de oppassen
PersonaConjugación
ikzal oppassen
jij/jezult oppassen
hij/zij/hetzal oppassen
wij/wezullen oppassen
julliezullen oppassen
zij/zezullen oppassen

oppassen — preguntas frecuentes

¿oppassen es un verbo regular?
Sí: oppassen es un verbo regular en Neerlandés, así que sigue las terminaciones estándar de su grupo.
¿Qué significa oppassen?
oppassen es un verbo en Neerlandés que significa «cuidar; vigilar».