Afrikaans Woord van de dag
huis
/HAYS/ • noun — 1 mrt, 2026
Luister naar uitspraak
Betekenis: huis
Voorbeelden
- Ek woon in 'n groot huis.
(Ik woon in een groot huis.) - Haar huis is pragtig versier.
(Haar huis is prachtig versierd.) - Wil jy by my huis kom kuier?
(Wil je bij mijn huis komen zitten?)
Synoniemen
- woning
- thuis
Dit woord wordt vaak gebruikt om een fysieke structuur aan te duiden waar mensen wonen en leven.
Spel van vandaag: Flashcards — Nu Spelen
Recente woorden
| Datum | Woord | Betekenis |
|---|---|---|
| 2026-05-06 | hou | houden; houden van, vasnemen of bewaren |
| 2026-05-05 | stap | lopen; een korte wandeling of de handeling van een... |
| 2026-05-04 | kos | eten; voedsel |
| 2026-05-03 | rekenaar | computer; toestel wat berekeninge uitvoer en gebru... |
| 2026-05-02 | deur | door, via; geeft doorgang of beweging aan (bijvoor... |
Ontvang deze per e-mail
Log in op je gratis account om dagelijks woorden per e-mail te ontvangen.
Ontvang elke dag een nieuw woord in je inbox!