Afrikaans Woord van de dag
stoel
/stoOL/ • noun — 11 mrt, 2026
Luister naar uitspraak
Betekenis: een meubelstuk om op te zitten
Voorbeelden
- Ek het 'n nuwe stoel gekoop.
(Ik heb een nieuwe stoel gekocht.) - Die stoel is baie gemaklik.
(De stoel is erg comfortabel.) - Sy het haar stoel langs die venster gesit.
(Zij heeft haar stoel naast het raam gezet.)
Synoniemen
- bank
- leunstoel
Het woord 'stoel' wordt vaak gebruikt in de context van meubels in woningen, restaurants of kantoren.
Spel van vandaag: Vul de zin aan — Nu Spelen
Recente woorden
| Datum | Woord | Betekenis |
|---|---|---|
| 2026-03-10 | motor | een voertuig dat op een motor draait, vaak gebruik... |
| 2026-03-09 | fietspad | Een weg of pad dat speciaal is aangelegd voor fiet... |
| 2026-03-08 | skool | een plek waar onderwijs wordt gegeven aan leerling... |
| 2026-03-07 | liefde | een sterke emotie van genegenheid of affectie voor... |
| 2026-03-06 | werk | Een inspanning of taak die je doet, vaak voor beta... |
Ontvang deze per e-mail
« Mar 1011 mrt, 2026
Ontvang elke dag een nieuw woord in je inbox!
Gratis abonneren