Skip to content
Bibliotheek
Oefenen
Speelhal
Media Center
Afdrukbaar
Cursussen
Niveautest
Vervoeging
Woord van de Dag
Schrijfoefening
Blog.txt
Neem contact op
heimili.doc

Ijslands Woord van de dag

heimili

HEY-mi-li • zelfstandig naamwoord — 20 jun, 2026


Luister naar uitspraak

Betekenis: thuis; woning; het huishouden of de woonplaats van iemand

Advertisement

Voorbeelden

  1. Ég bjó í sama heimili þegar ég var barn.
    (Ik woonde in hetzelfde huis toen ik een kind was.)
  2. Heimilið okkar er lítið en notalegt.
    (Ons huis is klein maar gezellig.)
  3. Hún tekur vel á móti gestum í heimili sínu.
    (Zij ontvangt gasten hartelijk in haar huis.)

Synoniemen

  • hús
  • heim
  • bústaður
Heimili wordt gebruikt om te verwijzen naar iemands thuis of woonplaats en kan ook het huishouden of de familiale sfeer betekenen. Verschil met hús: hús is eerder het fysieke gebouw, heimili benadrukt het thuisgevoel of de woonplaats van een gezin.

Deze vermelding is gegenereerd door een AI-taalmodel. Iets fout gezien? Meld het en we kijken ernaar. Lees hoe wij AI gebruiken of



Recente woorden

DatumWoordBetekenis
2026-09-05hraðursnel; met hoge snelheid bewegend of uitgevoerd
2026-09-04gjaldeen bedrag dat je moet betalen voor een dienst, to...
2026-09-03óþolinmóðurongeduldig; iemand die niet graag wacht of snel ge...
2026-09-02leiðbeinaiemand de weg wijzen of instructies geven; uitlegg...
2026-09-01kaldurkoud; niet warm, of gebruikt voor lage temperatuur...

Bekijk volledig archief

« 19 jun20 jun, 202621 jun »

Ontvang elke dag een nieuw woord in je inbox!