French Woord van de dag
chaise
/CHAI-se/ • noun — 21 mrt, 2026
Luister naar uitspraak
Betekenis: een meubelstuk waarop je kunt zitten
Voorbeelden
- La chaise est confortable.
(De stoel is comfortabel.) - Où est ma chaise ?
(Waar is mijn stoel?) - Il a acheté une nouvelle chaise.
(Hij heeft een nieuwe stoel gekocht.)
Synoniemen
- siège
- tabouret
Het woord 'chaise' wordt vaak gebruikt in huizen, scholen en kantoren waar zitmeubelen aanwezig zijn.
Spel van vandaag: Flashcards — Nu Spelen
Recente woorden
| Datum | Woord | Betekenis |
|---|---|---|
| 2026-04-19 | partager | delen (met anderen); iets geven of beschikbaar mak... |
| 2026-04-18 | entrer | naar binnen gaan; binnenkomen; binnengaan |
| 2026-04-17 | savoir | weten; kennis hebben van feiten of weten hoe iets ... |
| 2026-04-16 | clé | sleutel; voorwerp om een slot te openen of te slui... |
| 2026-04-15 | ordinateur | Elektronisch apparaat om te rekenen, schrijven, in... |
Ontvang deze per e-mail
Log in op je gratis account om dagelijks woorden per e-mail te ontvangen.
Ontvang elke dag een nieuw woord in je inbox!