Skip to content
Bibliotheek
Oefenen
Speelhal
Media Center
Afdrukbaar
Cursussen
Niveautest
Vervoeging
Woord van de Dag
Schrijfoefening
Blog.txt
Neem contact op
Vervoeging.xlsx

Vervoeging van üben (Duits)

übenoefenenregelmatig

Präsenstegenwoordige tijd

Handelingen die nu of gewoonlijk plaatsvinden.

Präsens van üben
PersoonVervoeging
ichübe
duübst
er/sie/esübt
wirüben
ihrübt
sie/Sieüben

Präteritumverleden tijd

Afgeronde handelingen in het verleden.

Präteritum van üben
PersoonVervoeging
ichübte
duübtest
er/sie/esübte
wirübten
ihrübtet
sie/Sieübten

Perfektvoltooid tegenwoordige tijd

Handelingen uit het verleden met gevolg voor het heden.

Perfekt van üben
PersoonVervoeging
ichich habe geübt
dudu hast geübt
er/sie/eser hat geübt
wirwir haben geübt
ihrihr habt geübt
sie/Siesie haben geübt

Futur Itoekomende tijd

Handelingen die zullen plaatsvinden.

Futur I van üben
PersoonVervoeging
ichich werde üben
dudu wirst üben
er/sie/eser wird üben
wirwir werden üben
ihrihr werdet üben
sie/Siesie werden üben

Konjunktiv IIconjunctief II

Hypothetische situaties en beleefde verzoeken.

Konjunktiv II van üben
PersoonVervoeging
ichübte
duübtest
er/sie/esübte
wirübten
ihrübtet
sie/Sieübten

Imperativgebiedende wijs

Bevelen en verzoeken.

Imperativ van üben
PersoonVervoeging
duübe!
wirÜben wir!
ihrübt!
sie/SieÜben Sie!

üben — veelgestelde vragen

Is üben een regelmatig werkwoord?
Ja — üben is een regelmatig werkwoord (Duits) en volgt de standaarduitgangen van zijn groep.
Wat betekent üben?
üben is een werkwoord (Duits) dat "oefenen" betekent.