Afrikaans Woord van de dag
stoel
stoOL • noun — 11 mrt, 2026
Luister naar uitspraak
Betekenis: een meubelstuk om op te zitten
Voorbeelden
- Ek het 'n nuwe stoel gekoop.
(Ik heb een nieuwe stoel gekocht.) - Die stoel is baie gemaklik.
(De stoel is erg comfortabel.) - Sy het haar stoel langs die venster gesit.
(Zij heeft haar stoel naast het raam gezet.)
Synoniemen
- bank
- leunstoel
Het woord 'stoel' wordt vaak gebruikt in de context van meubels in woningen, restaurants of kantoren.
Deze vermelding is gegenereerd door een AI-taalmodel. Iets fout gezien? Meld het en we kijken ernaar. Lees hoe wij AI gebruiken of
Recente woorden
| Datum | Woord | Betekenis |
|---|---|---|
| 2026-09-05 | dus | daarom; gevolgtrekkend gebruikt om een conclusie o... |
| 2026-09-04 | gedeeltelik | nie heeltemal nie; in ’n mate, maar nie volledig n... |
| 2026-09-03 | gereeld | op vaste tye; vaak of dikwels gebeurend |
| 2026-09-02 | gewoel | drukte; rumoer of levendige activiteit op een plek |
| 2026-09-01 | blits | snel en heel kort; iets wat in een oogwenk gebeurt... |
Ontvang deze per e-mail
Log in op je gratis account om dagelijks woorden per e-mail te ontvangen.
Ontvang elke dag een nieuw woord in je inbox!