Afrikaans Woord van de dag
werk
WERK • zelfstandig naamwoord / werkwoord — 26 mei, 2026
Luister naar uitspraak
Betekenis: arbeid; bezigheid of baan waarmee iemand geld verdient; ook: de handeling van werken
Voorbeelden
- Ek werk elke dag by die kantoor.
(Ik werk elke dag op kantoor.) - Sy werk al ses jaar by die skool.
(Ze werkt al zes jaar op school.) - Hy het gister met sy werk begin.
(Hij is gisteren met zijn werk begonnen.)
Synoniemen
- arbeid
- baan
- pos
Het woord 'werk' wordt in het Afrikaans zowel als zelfstandig naamwoord (baan, arbeid) als werkwoord (werken) gebruikt. Het is zeer algemeen: je kunt het gebruiken voor betaalde arbeid, dagelijkse taken of schoolwerk. Combineert vaak met tijdsaanduidingen (bv. elke dag, gister) en plaatsaanduidingen (bv. kantoor, skool).
Deze vermelding is gegenereerd door een AI-taalmodel. Iets fout gezien? Meld het en we kijken ernaar. Lees hoe wij AI gebruiken of
Recente woorden
| Datum | Woord | Betekenis |
|---|---|---|
| 2026-09-05 | dus | daarom; gevolgtrekkend gebruikt om een conclusie o... |
| 2026-09-04 | gedeeltelik | nie heeltemal nie; in ’n mate, maar nie volledig n... |
| 2026-09-03 | gereeld | op vaste tye; vaak of dikwels gebeurend |
| 2026-09-02 | gewoel | drukte; rumoer of levendige activiteit op een plek |
| 2026-09-01 | blits | snel en heel kort; iets wat in een oogwenk gebeurt... |
Ontvang deze per e-mail
Log in op je gratis account om dagelijks woorden per e-mail te ontvangen.
Ontvang elke dag een nieuw woord in je inbox!