Skip to content
Bibliotheek
Oefenen
Speelhal
Media Center
Afdrukbaar
Cursussen
Niveautest
Vervoeging
Woord van de Dag
Schrijfoefening
Blog.txt
Neem contact op
werk.doc

Afrikaans Woord van de dag

werk

WERK • zelfstandig naamwoord / werkwoord — 26 mei, 2026


Luister naar uitspraak

Betekenis: arbeid; bezigheid of baan waarmee iemand geld verdient; ook: de handeling van werken

Advertisement

Voorbeelden

  1. Ek werk elke dag by die kantoor.
    (Ik werk elke dag op kantoor.)
  2. Sy werk al ses jaar by die skool.
    (Ze werkt al zes jaar op school.)
  3. Hy het gister met sy werk begin.
    (Hij is gisteren met zijn werk begonnen.)

Synoniemen

  • arbeid
  • baan
  • pos
Het woord 'werk' wordt in het Afrikaans zowel als zelfstandig naamwoord (baan, arbeid) als werkwoord (werken) gebruikt. Het is zeer algemeen: je kunt het gebruiken voor betaalde arbeid, dagelijkse taken of schoolwerk. Combineert vaak met tijdsaanduidingen (bv. elke dag, gister) en plaatsaanduidingen (bv. kantoor, skool).

Deze vermelding is gegenereerd door een AI-taalmodel. Iets fout gezien? Meld het en we kijken ernaar. Lees hoe wij AI gebruiken of



Recente woorden

DatumWoordBetekenis
2026-09-05dusdaarom; gevolgtrekkend gebruikt om een conclusie o...
2026-09-04gedeelteliknie heeltemal nie; in ’n mate, maar nie volledig n...
2026-09-03gereeldop vaste tye; vaak of dikwels gebeurend
2026-09-02gewoeldrukte; rumoer of levendige activiteit op een plek
2026-09-01blitssnel en heel kort; iets wat in een oogwenk gebeurt...

Bekijk volledig archief

« 25 mei26 mei, 202627 mei »

Ontvang elke dag een nieuw woord in je inbox!