Duits Woord van de dag
telefonieren
te-le-fo-NIE-ren • verb — 4 mrt, 2026
Luister naar uitspraak
Betekenis: bellen / telefonisch contact opnemen
Voorbeelden
- Ich muss mit meinem Freund telefonieren.
(Ik moet met mijn vriend bellen.) - Kannst du mich später anrufen? Ich bin gerade am telefonieren.
(Kun je me later bellen? Ik ben nu aan het telefoneren.) - Er telefoniert jeden Tag mit seiner Familie.
(Hij belt elke dag met zijn familie.)
Synoniemen
- anrufen
- telefonisch kontaktieren
Vervoeging
| Persoon | Präsens | Präteritum |
|---|---|---|
| ich | telefoniere | telefonierte |
| du | telefonierst | telefoniertest |
| er/sie/es | telefoniert | telefonierte |
| wir | telefonieren | telefonierten |
| ihr | telefoniert | telefoniertet |
| sie/Sie | telefonieren | telefonierten |
Bekijk alle 6 tijden van telefonieren →
Het woord 'telefonieren' wordt vaak gebruikt in dagelijkse gesprekken wanneer men over het bellen met iemand spreekt.
Deze vermelding is gegenereerd door een AI-taalmodel. Iets fout gezien? Meld het en we kijken ernaar. Lees hoe wij AI gebruiken of
Recente woorden
| Datum | Woord | Betekenis |
|---|---|---|
| 2026-09-10 | passieren | gebeuren; plaatsvinden |
| 2026-09-09 | der Schlüssel | Een voorwerp waarmee je een slot kunt openen of af... |
| 2026-09-08 | vermieten | iets of een woning tijdelijk aan iemand verhuren |
| 2026-09-07 | immerhin | toch nog, in ieder geval; gebruikt om aan te geven... |
| 2026-09-06 | verlässlich | Iemand of iets waarop je kunt rekenen; betrouwbaar... |
Ontvang deze per e-mail
Log in op je gratis account om dagelijks woorden per e-mail te ontvangen.
Ontvang elke dag een nieuw woord in je inbox!