sogar vs. auch
Woordvergelijking Duits
Luister naar sogar
Luister naar auch
| sogar | auch |
|---|---|
SO-gar adverb | [aʊ̯x] adverb |
| zelfs | ook; eveneens |
Hoe ze verschillen
„Auch“ drukt in de eerste plaats een toevoeging uit: iets geldt niet alleen voor één geval, maar ook voor een ander. „Sogar“ gaat een stap verder en benadrukt dat iets verrassend sterk of onverwacht is.
Wanneer gebruik je welk woord
Wanneer gebruik je sogar: Gebruik „sogar“ als je wilt laten voelen dat iets boven verwachting is of een verrassende grens overschrijdt.
Wanneer gebruik je auch: Gebruik „auch“ als je gewoon een neutrale toevoeging of mededeling van extra informatie wilt geven.
Voorbeelden naast elkaar
- Er kann sogar drei Sprachen sprechen.
(Hij kan zelfs drie talen spreken.) - Er kann auch drei Sprachen sprechen.
(Hij kan ook drie talen spreken.)
Register en nuance: „Auch“ is heel neutraal en komt in alle registers voor; „sogar“ klinkt iets nadrukkelijker.