Skip to content
Bibliotheek
Oefenen
Speelhal
Media Center
Afdrukbaar
Cursussen
Niveautest
Vervoeging
Woord van de Dag
Schrijfoefening
Blog.txt
Neem contact op
Archive.doc

Latijn Woord van de dag

Alle vorige woorden185 woorden


DatumWoordTypeBetekenis
2026-06-13urbszelfstandig naamwoord (v.)stad
2026-06-12scriberewerkwoordschrijven; een tekst of teken met opzet op papier of een ander medium zetten
2026-06-11familiazelfstandig naamwoord (vrouwelijk)gezin; huishouden (inclusief familieleden en soms huispersoneel of slaven in klassiek gebruik)
2026-06-10viasubstantivum (femininum)weg; route; manier (zowel letterlijk als figuurlijk)
2026-06-09pararewerkwoordvoorbereiden; klaarmaken
2026-06-08cibuszelfstandig naamwoord (mannelijk)voedsel; eten; maalijd
2026-06-07amicusnoun (masculine)vriend; iemand met wie je een persoonlijke band hebt
2026-06-06domuszelfstandig naamwoordhuis, thuis; het gebouw of de plaats waar iemand woont
2026-06-05hodiebijwoordvandaag (op deze dag)
2026-06-04labornounwerk; inspanning; moeite (zowel lichamelijke als geestelijke arbeid)
2026-06-03aquazelfstandig naamwoord (vrouwelijk)water; vloeistof die men drinkt of die in bronnen, rivieren en zeeën voorkomt
2026-06-02auxiliumnoun (neutrum)hulp; bijstand; steun
2026-06-01facerewerkwoord (verb)doen; maken
2026-05-31sciowerkwoordweten; kennis hebben van een feit of gebeurtenis
2026-05-30darewerkwoordgeven; iets aan iemand overhandigen
2026-05-29portarewerkwoorddragen, brengen; iets van de ene plaats naar de andere verplaatsen
2026-05-28mitterewerkwoordsturen, zenden; laten gaan of vrijlaten
2026-05-27legerewerkwoordlezen; iets aandachtig doornemen (zoals een boek, brief of inscriptie)
2026-05-26nomenzelfstandig naamwoord (neutrum)naam; het woord dat iemand of iets identificeert
2026-05-25tempuszelfstandig naamwoord (neutrum)tijd; ook: periode, gelegheid (en in grammatica: tijd/tense)
Advertisement

Advertisement

« Terug naar het woord van vandaag