Skip to content
Bibliotheek
Oefenen
Speelhal
Media Center
Afdrukbaar
Cursussen
Niveautest
Vervoeging
Woord van de Dag
Schrijfoefening
Blog.txt
Neem contact op
ficar.doc

Portugees Woord van de dag

ficar

fi-CAR • werkwoord — 20 jun, 2026


Luister naar uitspraak

Betekenis: blijven; worden; zich bevinden (afhankelijk van de context)

Advertisement

Voorbeelden

  1. Vou ficar em casa hoje.
    (Ik blijf vandaag thuis.)
  2. O restaurante fica na rua principal.
    (Het restaurant bevindt zich in de hoofdstraat.)
  3. Ela ficou surpresa com o presente.
    (Zij was verrast door het cadeau.)

Synoniemen

Klik op een synoniem om te zien hoe het zich verhoudt tot ficar.

Ficar wordt veel gebruikt in het dagelijkse Portugees en heeft verschillende betekenissen. Gebruik 'ficar' voor: 1) locatie: 'fica' = 'ligt/ bevindt zich' (O hotel fica perto); 2) verandering van toestand: 'ficar + adjectief' = 'worden' (Ele ficou feliz); 3) blijven/tijdelijk verblijven: 'ficar em casa'. Het verschil met 'ser' en 'estar': voor vaste eigenschappen gebruik je 'ser', voor tijdelijke toestanden vaak 'estar' of 'ficar' bij het aangeven van een verandering.

Deze vermelding is gegenereerd door een AI-taalmodel. Iets fout gezien? Meld het en we kijken ernaar. Lees hoe wij AI gebruiken of



Recente woorden

DatumWoordBetekenis
2026-09-05muitoerg veel; in hoge mate; een grote hoeveelheid
2026-09-04aproveitarGebruikmaken van iets; profiteren van een kans, si...
2026-09-03semprealtijd
2026-09-02maçãEen ronde, meestal rode, groene of gele vrucht die...
2026-09-01mesmoZelfde; gebruikt om aan te geven dat iets identiek...

Bekijk volledig archief

« 19 jun20 jun, 202621 jun »

Ontvang elke dag een nieuw woord in je inbox!