Skip to content
Bibliotheek
Oefenen
Speelhal
Media Center
Afdrukbaar
Cursussen
Niveautest
Vervoeging
Woord van de Dag
Schrijfoefening
Blog.txt
Neem contact op
Vervoeging.xlsx

Vervoeging van anschließen (Duits)

anschließenverbinden, zich aansluiten, sluitenonregelmatig

Präsenstegenwoordige tijd

Handelingen die nu of gewoonlijk plaatsvinden.

Präsens van anschließen
PersoonVervoeging
ichschließe an
duschließt an
er/sie/esschließt an
wirschließen an
ihrschließt an
sie/Sieschließen an

Präteritumverleden tijd

Afgeronde handelingen in het verleden.

Präteritum van anschließen
PersoonVervoeging
ichschloss an
duschlossest an
er/sie/esschloss an
wirschlossen an
ihrschlosst an
sie/Sieschlossen an

Perfektvoltooid tegenwoordige tijd

Handelingen uit het verleden met gevolg voor het heden.

Perfekt van anschließen
PersoonVervoeging
ichhabe angeschlossen
duhast angeschlossen
er/sie/eshat angeschlossen
wirhaben angeschlossen
ihrhabt angeschlossen
sie/Siehaben angeschlossen

Futur Itoekomende tijd

Handelingen die zullen plaatsvinden.

Futur I van anschließen
PersoonVervoeging
ichwerde anschließen
duwirst anschließen
er/sie/eswird anschließen
wirwerden anschließen
ihrwerdet anschließen
sie/Siewerden anschließen

Konjunktiv IIconjunctief II

Hypothetische situaties en beleefde verzoeken.

Konjunktiv II van anschließen
PersoonVervoeging
ichschlösse an
duschlössest an
er/sie/esschlösse an
wirschlössen an
ihrschlösset an
sie/Sieschlössen an

Imperativgebiedende wijs

Bevelen en verzoeken.

Imperativ van anschließen
PersoonVervoeging
duschließ an
wirschließen wir an
ihrschließt an
sie/Sieschließen Sie an

anschließen — veelgestelde vragen

Is anschließen een regelmatig werkwoord?
Nee — anschließen is een onregelmatig werkwoord (Duits); sommige vormen volgen de standaarduitgangen niet.
Wat betekent anschließen?
anschließen is een werkwoord (Duits) dat "verbinden, zich aansluiten, sluiten" betekent.