Afrikaans Woord van de dag
Alle vorige woorden — 190 woorden
| Datum | Woord | Type | Betekenis |
|---|---|---|---|
| 2026-07-07 | slaap | werkwoord | slapen; in slaap zijn |
| 2026-07-06 | kyk | werkwoord | kijken; je ogen richten op iets of iemand |
| 2026-07-05 | vergeet | werkwoord | Niet meer weten; iets dat uit het geheugen verdwijnt |
| 2026-07-04 | weet | werkwoord | weten; kennis of informatie hebben over iets |
| 2026-07-03 | asseblief | tussenwerpsel | alsjeblieft / alstublieft (beleefdheidsuiting om iets te vragen of iets aan te bieden) |
| 2026-07-02 | gesels | werkwoord | informeel praten of kletsen, meestal over alledaagse onderwerpen |
| 2026-07-01 | kies | werkwoord | kiezen; een keuze maken tussen opties |
| 2026-06-30 | vinnig | bijvoeglijk naamwoord / bijwoord | snel; in weinig tijd bewegend of handelend |
| 2026-06-29 | binnekort | bywoord (adverb) | binnen korte tijd; binnenkort |
| 2026-06-28 | werk | werkwoord / zelfstandig naamwoord | Arbeid, bezigheid of baan; ook het werk doen (handelen/werken). |
| 2026-06-27 | saam | bijwoord | samen; met elkaar |
| 2026-06-26 | betaal | werkwoord | betalen; geld geven voor goederen of een dienst |
| 2026-06-25 | koop | werkwoord | kopen; aanschaffen (werkwoord) |
| 2026-06-24 | maak | werkwoord | maken; doen (iets creëren of in een bepaalde staat brengen) |
| 2026-06-23 | vra | werkwoord | vragen (om informatie of een verzoek uit te drukken) |
| 2026-06-22 | loop | werkwoord | zich te voet verplaatsen; (wandelen of snel lopen) |
| 2026-06-21 | skryf | werkwoord | woorden op papier of elektronisch vastleggen; schrijven |
| 2026-06-20 | bly | werkwoord / bijvoeglijk naamwoord | blij (gelukkig) / blijven, wonen of verblijven |
| 2026-06-19 | braai | werkwoord / zelfstandig naamwoord | barbecueën; voedsel boven houtskool of op een rooster bereiden; ook een sociale bijeenkomst rond het barbecueën |
| 2026-06-18 | dink | werkwoord | denken; van mening zijn |