anrufen vs. telefonieren
Woordvergelijking Duits
Luister naar anrufen
Luister naar telefonieren
| anrufen | telefonieren |
|---|---|
AN-ru-fen verb | [te.le.foˈniː.ʁən] verb |
| telefoneren met iemand; iemand bellen | telefoneren; aan de telefoon praten |
Hoe ze verschillen
«Telefonieren» beschrijft meestal het feit dat je telefonisch met iemand in gesprek bent of aan het bellen bent, zonder de nadruk op het moment van één oproep. «Anrufen» legt juist de focus op het initiatief van één persoon die iemand opbelt.
Wanneer gebruik je welk woord
Wanneer gebruik je anrufen: Gebruik «anrufen» als je wilt zeggen dat iemand een ander belt of probeert te bellen.
Wanneer gebruik je telefonieren: Gebruik «telefonieren» als je het over telefonisch contact of een telefoongesprek als activiteit hebt.
Voorbeelden naast elkaar
- Ich rufe meine Mutter heute Abend an.
(Ik bel mijn moeder vanavond.) - Ich telefoniere gerade mit meiner Mutter.
(Ik ben nu aan het telefoneren met mijn moeder.)
Register en nuance: «Telefonieren» is neutraal en heel gebruikelijk in zowel spreektaal als schrijftaal.
- Bekijk het volledige Woord van de dag-item voor anrufen
- Bekijk het Woord van de dag-item voor telefonieren
- Terug naar het Duits woord van de dag