Termin vs. Besprechung
Woordvergelijking Duits
Luister naar Termin
Luister naar Besprechung
| Termin | Besprechung |
|---|---|
/TER-min/ noun | //bəˈʃpreːʊŋ// noun |
| Een afspraak; een afgesproken tijd voor een bezoek of bijeenkomst (bijv. dokter, kantoor, vergadering). | Een geplande zakelijke vergadering of overleg, vaak met meerdere deelnemers en een agenda. |
Hoe ze verschillen
Een 'Besprechung' duidt op een groepsvergadering met discussies en vaak een agenda; 'Termin' verwijst meer algemeen naar een afgesproken tijdstip en hoeft geen groepsoverleg te zijn.
Wanneer gebruik je welk woord
Wanneer gebruik je Termin: Gebruik 'Termin' voor individuele of formele afspraken, ook medisch of administratief.
Wanneer gebruik je Besprechung: Gebruik 'Besprechung' voor zakelijke vergaderingen of overlegmomenten met collega’s.
Voorbeelden naast elkaar
- Der Termin wurde auf nächste Woche verschoben.
(De afspraak is naar volgende week verplaatst.) - Wir haben eine Besprechung um 10 Uhr; bitte erscheinen Sie vorbereitet.
(We hebben om 10 uur een vergadering; kom alstublieft voorbereid.)
Register en nuance: ‘Besprechung’ is zakelijk en formeel; het wordt vooral in werkomgevingen gebruikt en minder in informele situaties.