Skip to content
Bibliotheek
Oefenen
Speelhal
Media Center
Afdrukbaar
Cursussen
Niveautest
Vervoeging
Woord van de Dag
Schrijfoefening
Blog.txt
Neem contact op
vereinbaren vs abmachen.doc

vereinbaren vs. abmachen

Woordvergelijking Duits


Luister naar vereinbaren
Luister naar abmachen
vereinbarenabmachen
ver-EIN-bah-ren
verb
[ˈapˌmaxən]
verb
afspreken; overeenkomen; iets plannen of vastleggen samen met iemandiets samen afspreken of regelen
Advertisement

Hoe ze verschillen

„Abmachen“ is informeler en klinkt alledaagser dan „vereinbaren“. Het wordt vaak gebruikt voor praktische, persoonlijke afspraken of een snelle regeling, terwijl „vereinbaren“ neutraler en formeler kan zijn en ook voor officiële afspraken wordt gebruikt.

Wanneer gebruik je welk woord

Wanneer gebruik je vereinbaren: Gebruik „vereinbaren“ als de afspraak neutraal, duidelijk of officieel klinkt.

Wanneer gebruik je abmachen: Gebruik „abmachen“ als je het over een informele afspraak of een losse regeling hebt.

Voorbeelden naast elkaar

  1. Wir vereinbaren einen Termin für nächste Woche.
    (We spreken een afspraak voor volgende week af.)
  2. Wir machen einen Termin für nächste Woche ab.
    (We spreken een afspraak voor volgende week af.)
Register en nuance: „Abmachen“ is vooral spreektaal; „vereinbaren“ is neutraler en geschikter voor schriftelijk of zakelijk gebruik.

Meer vergelijkingen met vereinbaren