verschieben vs. verlegen
Woordvergelijking Duits
Luister naar verschieben
Luister naar verlegen
| verschieben | verlegen |
|---|---|
ver-SCHI-ben werkwoord | [fɛɐˈleːɡn̩] werkwoord |
| iets naar een later tijdstip verplaatsen; uitstellen | een afspraak of evenement naar een ander tijdstip of soms andere plaats verplaatsen |
Hoe ze verschillen
„Verlegen" legt de nadruk op het overplaatsen naar een concreet nieuw tijdstip of soms een andere locatie; het is neutraal en wordt vaak gebruikt als het gaat om het verplaatsen van data of locaties, terwijl „verschieben" algemener kan betekenen alleen uitstellen.
Wanneer gebruik je welk woord
Wanneer gebruik je verschieben: Gebruik „verschieben" wanneer je gewoonlijk een afspraak of gebeurtenis naar een ander moment wilt verplaatsen zonder extra nuance.
Wanneer gebruik je verlegen: Gebruik „verlegen" wanneer je duidelijk wilt aangeven dat iets naar een specifiek alternatief tijdstip of een andere locatie wordt overgezet.
Voorbeelden naast elkaar
- Können wir den Termin verschieben?
(Kunnen we de afspraak verplaatsen?) - Können wir den Termin auf nächsten Mittwoch verlegen?
(Kunnen we de afspraak naar volgende woensdag verplaatsen?)
Register en nuance: neutraal/algemeen; veel gebruikt bij afspraken en verplaatsingen van datum of locatie