chegar vs. alcançar
Woordvergelijking Portugees
Luister naar chegar
Luister naar alcançar
| chegar | alcançar |
|---|---|
she-GAR werkwoord | [awˈkɐ̃saɾ] werkwoord |
| aankomen; ergens arriveren of op een bepaalde tijd aanwezig zijn | bereiken; een plaats, doel, hoeveelheid of deadline halen |
Hoe ze verschillen
„Alcançar“ legt nadruk op het daadwerkelijk bereiken van een punt, doel of maat (fysiek of figuurlijk), terwijl „chegar“ neutraal aangeeft dat je op een plek aankomt of aanwezig bent; „alcançar“ wordt vaker gebruikt voor doelstellingen, afstanden of cijfers.
Wanneer gebruik je welk woord
Wanneer gebruik je chegar: Gebruik „chegar“ wanneer je gewoon wilt zeggen dat iemand op een plaats arriveert of op een bepaald moment aanwezig is.
Wanneer gebruik je alcançar: Gebruik „alcançar“ wanneer je wilt benadrukken dat iets (een doel, afstand, hoeveelheid of deadline) daadwerkelijk bereikt of gehaald is.
Voorbeelden naast elkaar
- O voo chega às 22h30.
(De vlucht komt om 22:30 uur aan.) - Ele alcançou a meta de vendas no último mês.
(Hij bereikte de verkoopdoelstelling in de afgelopen maand.)
Register en nuance: „Alcançar“ is neutraal tot formeel en veelgebruikt in zowel concrete als figuurlijke contexten; „chegar“ is algemener en meer geschikt voor eenvoudige aankomstsaanduidingen.