sich beeilen vs. sich beeilen mit
Woordvergelijking Duits
Luister naar sich beeilen
Luister naar sich beeilen mit
| sich beeilen | sich beeilen mit |
|---|---|
zich behEI-len verb | [zɪç bəˈaɪ̯lən mɪt] verb |
| zich haasten; sneller handelen omdat je weinig tijd hebt | zich haasten met iets; iets snel doen |
Hoe ze verschillen
«Sich beeilen mit» is geen echt apart werkwoord met een andere kernbetekenis, maar een vaste uitbreiding waarmee je zegt waarover de haast gaat. In vergelijking met het losse «sich beeilen» is het concreter, omdat je meteen aangeeft wáármee iemand moet opschieten.
Wanneer gebruik je welk woord
Wanneer gebruik je sich beeilen: Gebruik «sich beeilen» als de haast zelf belangrijk is en je geen object hoeft te noemen.
Wanneer gebruik je sich beeilen mit: Gebruik «sich beeilen mit» als je duidelijk wilt maken waarmee iemand snel moet zijn.
Voorbeelden naast elkaar
- Beeil dich, wir müssen los.
(Haast je, we moeten weg.) - Beeil dich mit dem Essen, wir gehen gleich.
(Maak haast met eten, we gaan zo.)
Register en nuance: Deze uitdrukking is neutraal; het verschil zit vooral in de grammaticale opbouw, niet in het register.