Skip to content
Bibliotheek
Oefenen
Speelhal
Media Center
Afdrukbaar
Cursussen
Niveautest
Vervoeging
Woord van de Dag
Schrijfoefening
Blog.txt
Neem contact op
Vervoeging.xlsx

Vervoeging van aufräumen (Duits)

aufräumenopruimen, netjes makenregelmatig Bekijk het woord in context

Präsenstegenwoordige tijd

Handelingen die nu of gewoonlijk plaatsvinden.

Präsens van aufräumen
PersoonVervoeging
ichräume auf
duräumst auf
er/sie/esräumt auf
wirräumen auf
ihrräumt auf
sie/Sieräumen auf

Präteritumverleden tijd

Afgeronde handelingen in het verleden.

Präteritum van aufräumen
PersoonVervoeging
ichräumte auf
duräumtest auf
er/sie/esräumte auf
wirräumten auf
ihrräumtet auf
sie/Sieräumten auf

Perfektvoltooid tegenwoordige tijd

Handelingen uit het verleden met gevolg voor het heden.

Perfekt van aufräumen
PersoonVervoeging
ichhabe aufgeräumt
duhast aufgeräumt
er/sie/eshat aufgeräumt
wirhaben aufgeräumt
ihrhabt aufgeräumt
sie/Siehaben aufgeräumt

Futur Itoekomende tijd

Handelingen die zullen plaatsvinden.

Futur I van aufräumen
PersoonVervoeging
ichwerde aufräumen
duwirst aufräumen
er/sie/eswird aufräumen
wirwerden aufräumen
ihrwerdet aufräumen
sie/Siewerden aufräumen

Konjunktiv IIconjunctief II

Hypothetische situaties en beleefde verzoeken.

Konjunktiv II van aufräumen
PersoonVervoeging
ichräumte auf
duräumtest auf
er/sie/esräumte auf
wirräumten auf
ihrräumtet auf
sie/Sieräumten auf

Imperativgebiedende wijs

Bevelen en verzoeken.

Imperativ van aufräumen
PersoonVervoeging
duräum auf
wirräumen wir auf
ihrräumt auf
sie/Sieräumen Sie auf

aufräumen — veelgestelde vragen

Is aufräumen een regelmatig werkwoord?
Ja — aufräumen is een regelmatig werkwoord (Duits) en volgt de standaarduitgangen van zijn groep.
Wat betekent aufräumen?
aufräumen is een werkwoord (Duits) dat "opruimen, netjes maken" betekent.