Skip to content
Bibliotheek
Oefenen
Speelhal
Media Center
Afdrukbaar
Cursussen
Niveautest
Vervoeging
Woord van de Dag
Schrijfoefening
Blog.txt
Neem contact op
Vervoeging.xlsx

Vervoeging van gehen (Duits)

gehengaanonregelmatig

Präsenstegenwoordige tijd

Handelingen die nu of gewoonlijk plaatsvinden.

Präsens van gehen
PersoonVervoeging
ichich gehe
dudu gehst
er/sie/eser geht
wirwir gehen
ihrihr geht
sie/Siesie gehen

Präteritumverleden tijd

Afgeronde handelingen in het verleden.

Präteritum van gehen
PersoonVervoeging
ichich ging
dudu gingst
er/sie/eser ging
wirwir gingen
ihrihr gingt
sie/Siesie gingen

Perfektvoltooid tegenwoordige tijd

Handelingen uit het verleden met gevolg voor het heden.

Perfekt van gehen
PersoonVervoeging
ichich bin gegangen
dudu bist gegangen
er/sie/eser ist gegangen
wirwir sind gegangen
ihrihr seid gegangen
sie/Siesie sind gegangen
Advertisement

Futur Itoekomende tijd

Handelingen die zullen plaatsvinden.

Futur I van gehen
PersoonVervoeging
ichich werde gehen
dudu wirst gehen
er/sie/eser wird gehen
wirwir werden gehen
ihrihr werdet gehen
sie/Siesie werden gehen

Konjunktiv IIconjunctief II

Hypothetische situaties en beleefde verzoeken.

Konjunktiv II van gehen
PersoonVervoeging
ichich ginge
dudu gingest
er/sie/eser ginge
wirwir gingen
ihrihr ginget
sie/Siesie gingen

Imperativgebiedende wijs

Bevelen en verzoeken.

Imperativ van gehen
PersoonVervoeging
dugeh
wirgehen wir
ihrgeht
sie/Siegehen Sie

gehen — veelgestelde vragen

Is gehen een regelmatig werkwoord?
Nee — gehen is een onregelmatig werkwoord (Duits); sommige vormen volgen de standaarduitgangen niet.
Wat betekent gehen?
gehen is een werkwoord (Duits) dat "gaan" betekent.