Skip to content
Bibliotheek
Oefenen
Speelhal
Media Center
Afdrukbaar
Cursussen
Niveautest
Vervoeging
Woord van de Dag
Schrijfoefening
Blog.txt
Neem contact op
Vervoeging.xlsx

Vervoeging van heißen (Duits)

heißenhetenonregelmatig

Präsenstegenwoordige tijd

Handelingen die nu of gewoonlijk plaatsvinden.

Präsens van heißen
PersoonVervoeging
ichheiße
duheißt
er/sie/esheißt
wirheißen
ihrheißt
sie/Sieheißen

Präteritumverleden tijd

Afgeronde handelingen in het verleden.

Präteritum van heißen
PersoonVervoeging
ichhieß
duhießest
er/sie/eshieß
wirhießen
ihrhießt
sie/Siehießen

Perfektvoltooid tegenwoordige tijd

Handelingen uit het verleden met gevolg voor het heden.

Perfekt van heißen
PersoonVervoeging
ichhabe geheißen
duhast geheißen
er/sie/eshat geheißen
wirhaben geheißen
ihrhabt geheißen
sie/Siehaben geheißen

Futur Itoekomende tijd

Handelingen die zullen plaatsvinden.

Futur I van heißen
PersoonVervoeging
ichwerde heißen
duwirst heißen
er/sie/eswird heißen
wirwerden heißen
ihrwerdet heißen
sie/Siewerden heißen

Konjunktiv IIconjunctief II

Hypothetische situaties en beleefde verzoeken.

Konjunktiv II van heißen
PersoonVervoeging
ichhieße
duhießest
er/sie/eshieße
wirhießen
ihrhießet
sie/Siehießen

Imperativgebiedende wijs

Bevelen en verzoeken.

Imperativ van heißen
PersoonVervoeging
duheiß!
wirheißen wir!
ihrheißt!
sie/Sieheißen Sie!

heißen — veelgestelde vragen

Is heißen een regelmatig werkwoord?
Nee — heißen is een onregelmatig werkwoord (Duits); sommige vormen volgen de standaarduitgangen niet.
Wat betekent heißen?
heißen is een werkwoord (Duits) dat "heten" betekent.