Duits Woord van de dag
treffen
TREF-fen • verb — 30 aug, 2026
Luister naar uitspraak
Betekenis: ontmoeten; iemand ergens zien of samenkomen
Voorbeelden
- Ich treffe heute Abend meine Freundin.
(Ik ontmoet vanavond mijn vriendin.) - Wir treffen uns um acht Uhr am Bahnhof.
(We spreken af om acht uur op het station.) - Hast du ihn schon mal getroffen?
(Heb je hem al eens ontmoet?)
Synoniemen
Klik op een synoniem om te zien hoe het zich verhoudt tot treffen.
Vervoeging
| Persoon | Präsens | Präteritum |
|---|---|---|
| ich | treffe | traf |
| du | triffst | trafst |
| er/sie/es | trifft | traf |
| wir | treffen | trafen |
| ihr | trefft | traft |
| sie/Sie | treffen | trafen |
Bekijk alle 6 tijden van treffen →
Dit woord gebruik je heel vaak als je het hebt over iemand ontmoeten of afspreken. In het dagelijks Duits komt ook de vorm "sich treffen" veel voor voor een afspraak maken of elkaar ergens ontmoeten.
Deze vermelding is gegenereerd door een AI-taalmodel. Iets fout gezien? Meld het en we kijken ernaar. Lees hoe wij AI gebruiken of
Recente woorden
| Datum | Woord | Betekenis |
|---|---|---|
| 2026-09-10 | passieren | gebeuren; plaatsvinden |
| 2026-09-09 | der Schlüssel | Een voorwerp waarmee je een slot kunt openen of af... |
| 2026-09-08 | vermieten | iets of een woning tijdelijk aan iemand verhuren |
| 2026-09-07 | immerhin | toch nog, in ieder geval; gebruikt om aan te geven... |
| 2026-09-06 | verlässlich | Iemand of iets waarop je kunt rekenen; betrouwbaar... |
Ontvang deze per e-mail
Log in op je gratis account om dagelijks woorden per e-mail te ontvangen.
Ontvang elke dag een nieuw woord in je inbox!